Oud-minister Jan Pronk initiator van beleid teerhoudend asfalt
dinsdag 13 januari 2026
Als minister van VROM initieerde Jan Pronk beleid met betrekking tot het kankerverwekkende teerhoudend asfalt. Dit mocht niet meer worden hergebruikt, de kankerverwekkende teercomponent moest worden vernietigd, waardoor de overige minerale grondstoffen (grind, zand en vulstof) weer konden worden hergebruikt. BEwerken blikt met Pronk terug, maar kijkt ook vooruit.
Na een periode van vijf jaar actief te zijn geweest in de lokale politiek, werd Pronk in 1971 lid van het parlement. In 1972 maakte hij deel uit van de commissie-Mansholt, die onder meer het rapport van de Club van Rome voor Nederland 'vertaalde'. Een korte periode zat hij in het Europese Parlement, maar kwam weer snel terug in de landelijk politiek en was in de kabinetten Den Uyl, Lubbers III en Kok I minister voor Ontwikkelingssamenwerking. In het kabinet Kok II werd hij in 1998 minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM).
Hoe bent u betrokken bij het onderwerp teerhoudend asfalt?
“Als minister van VROM heb ik me vanaf mijn aantreden in 1998 actief beziggehouden met de verduurzaming van het afvalbeleid. In 1999 kwam het vraagstuk van het teerhoudend afval op mijn pad. Ik was blij dat we daarmee een andere weg konden inslaan. Na mijn aftreden in 2002 heb ik dit onderwerp niet meer gevolgd. Van de nieuwe ontwikkelingen was ik dan ook niet meer op de hoogte, maar heb me als voorbereiding op dit interview er weer enigszins in verdiept.”
U bracht de sturing van afvalverwijdering op rijksniveau en tijdens uw ministerschap is ook het Landelijk Afvalbeheerplan geïntroduceerd met de eis dat de teercomponent uit het teerhoudend asfalt vernietigd moet worden. Gaf u niet aan “Teer de wereld uit te beginnen in Nederland”? En hoe vindt u nu dat deze sector zich ontwikkeld heeft?
“In mijn voorbereiding ben ik nog even in mijn eigen archief gedoken. De ontwikkelingen sedert het Afvalbeheerplan van 2001 zijn positief en hoopvol, ook wat betreft het asfaltbeheer. De investeerders hebben gereageerd zoals destijds was bedoeld. De sector stuit nu op nieuwe problemen. Eigenlijk worden die veroorzaakt door organen van de (lagere) overheid. Gelukkig gaat daar veel goed, maar helaas ook nog veel niet De brief van voormalig staatssecretaris Chris Jansen biedt enig soelaas, maar er is meer nodig. Mijn quote “Teer de wereld uit te beginnen in Nederland” was wel erg ambitieus, maar ik bedoelde dat we niet op andere landen zouden moeten wachten met de strijd tegen kankerverwekkende stoffen.”
Er is meer nodig dan de brief van Chris Jansen zegt u. Waar denkt u dan aan?
“De brief van Chris Jansen legt de vinger op een aantal actuele zaken waar opdrachtgevers op moeten letten. Daarnaast is het mooi om te zien wat er allemaal met betrekking tot dit onderwerp is ontwikkeld door het CROW, het LAP3, het komende Circulair Materialenplan en de regeling van het ministerie van IenW uit 2021.“ “Het is voor niet-deskundigen geen makkelijk dossier. Ik kan me voorstellen dat gemeenteambtenaren, die slechts een enkele keer in hun loopbaan geconfronteerd worden met teerhoudend asfalt, zich moeten laten informeren door externe deskundigen. Maar dat mogen geen belanghebbenden zijn en ik vind dat de VNG hier een nadrukkelijker rol in moet spelen. De publiek-private samenwerking die direct in 1999 is gestart en tot mijn genoegen nog steeds bestaat is belangrijk geweest en zou tot voorbeeld van andere probleemstoffen kunnen dienen. Ik zie hier alle partijen in vertegenwoordigd, maar geen VNG. Zij zou zich meer met het onderwerp moeten bezighouden omdat al haar leden hiermee te maken hebben.”
Is dat het enige?
“Dat zou een flinke stap in de goede richting zijn. Opmerkelijk is dat er gemeenten zijn die om financiële redenen keuzes maken die niet passen in nationaal beleid. In het geval van kankerverwekkende afvalstoffen is dat niet goed te praten. Ook het feit dat gemeenten soms onvoldoende controles inbouwen en door externen erop gewezen moeten worden dat hun teerhoudend asfalt tegen de eigen eisen in wordt geëxporteerd, is hen te verwijten. Zo’n gemeente heeft via de Raad van Arbitrage in bouwgeschillen meer macht dan wordt verondersteld en kan de desbetreffende aannemer een tik op de vingers geven. Het door de gemeente standaard vragen van het certificaat van de thermisch verwerker en de betaling aan de aannemer daarvan laten afhangen, zoals staatssecretaris Chris Jansen adviseert, zou een harde eis moeten worden.”
“Het besef dat we hier te maken hebben met een kankerverwekkende stof is blijkbaar nog niet goed doorgedrongen bij diegenen die bepalen hoe hiermee om te gaan. Dat is treurig voor mensen die er in hun dagelijkse werk mee geconfronteerd worden. Ook de kansen voor Nederland om honderden miljoenen kilogrammen schone grondstoffen te hergebruiken worden onvoldoende benut. Laaghangend fruit voor de circulaire economie; bestuurders moeten zich dit aantrekken.”
Wat vindt u van het feit dat er toch nog steeds 200 tot 300 miljoen kilogram Nederlands teerhoudend asfalt wordt geëxporteerd?
“Een onverteerbare zaak. Gemeenten die zich hiertoe laten verleiden en gemeenschapsgeld op deze wijze gebruiken mogen voor mij publiekelijk te schande worden gemaakt. Het feit dat Nederland andere landen met een dergelijk volume kankerverwekkende stoffen opzadelt moet voor de Raad van State van voldoende spoedeisend belang zijn om de rechtszaak die daarover is aangespannen te versnellen. Met de export van teerhoudend asfalt wordt onomkeerbare schade toegebracht aan mens en milieu buiten onze grenzen. Dat is moreel en politiek strijdig met wat we in de jaren negentig als Europese ministers voor milieu in EU verband overeenkwamen. Het staat ook haaks op wat we in het overleg binnen VN instanties van ons werd verlangd en door ons werd beloofd.”
Vindt u dat de intentie van het Verdrag van Bazel voldoende in de EVOA is opgenomen?
“Ik denk van wel. Maar ik constateer dat er een interpretatieprobleem is ontstaan rond een vierregelige voetnoot van dat Verdrag van Bazel in de EVOA. Wat mij opvalt is dat men in alle stukken uitgaat van het feit dat asfalt met 50 mg/kg benzo(a)pyreen een groene lijst stof is. Ik zie dat anders: er staat dat de teercomponent in asfalt niet meer dan 50 mg/kg benzo(a)pyreen mag bevatten. Teer vormt als bindmiddel niet meer dan 5% van het asfalt. Het verschil in interpretatie van de norm maakt dus heel wat uit: een factor 1 op 20. Een restrictieve interpretatie zou meer recht doen aan de negatieve gevolgen van het werken met een kankerverwekkende afvalstof als teerhoudend asfalt. Daar ging het ons destijds om en daar zou het ook nu om moeten gaan. Ik begrijp dat de Inspectie Leefomgeving en Transport een dergelijke zienswijze niet tegenspreekt. Ik heb altijd grote waardering gehad voor inspecties met een mandaat op het werkterrein van mijn departement. Ik had dus ook niet anders verwacht. Nu er door belanghebbenden twijfel is gezaaid over de regelgeving moet een overheid duidelijkheid verschaffen. Ik hoop dat de Raad van State zich snel uitspreekt en zich baseert op de intenties van de overheidsinstanties die de regelgeving destijds op gang brachten. En er bestaat altijd nog de mogelijkheid dit bij de Europese Commissie aan te kaarten.”
- Beleid
- Focus
Recycling- en afvalverwerkingsbedrijf Attero vraagt aandacht voor de petitie van vakbond FNV tegen de extreme verhoging van de belasting op de verwerking van restafval met 567 miljoen euro. De petitie...
Op donderdag 2 november 2023 organiseert de Stichting Arbocatalogus Afvalbranche (StAA) haar jaarlijkse congres. Dit jaar staat dat in het teken van werken met gevaarlijke stoffen. Het congres richt z...
Innovaties
Van Happen Containers breidt uit met de overname van VLK Recycling
2 december 2025 Met de overname van de inzamel- en recyclingactiviteiten van Van Leeuwen Katwijk Holding BV, beter bekend als VLK Recycling, breidt Van Happen Containers haar activiteiten uit naar het zuidwestelijk deel van de Randstad. lees meer
Wetgeving
Afvalstof of niet: voortgezet gebruik
23 september 2025 De vraag of een materiaal (nog) een afvalstof is, blijft de gemoederen bezighouden. Deze juridische vraag heeft grote praktische impact. Wanneer een materiaal geen afval (meer) is, zijn de afvalstofregels niet (meer) van toepassing. Recyclers krijgen vaker te maken met concullega’s die (ten onrechte... lees meer